Gedragsprotocol

GEDRAGSPROTOCOL MARIASCHOOL
 
In de schoolgids staat een samenvatting van het gedragsprotocol. Het gedragsprotocol is als geheel te lezen op de website van de Mariaschool.
 
Het gedragsprotocol bestaat uit de volgende onderdelen:
  • De grenzen aan de zorg m.b.t. het gedrag
  • De gedragscode
  • Het pestprotocol
  • Route bij het niet naleven van de gedragsregels
  • Protocol schorsing en verwijdering
  • Plan van aanpak bij klachten
 
 
Grenzen aan zorg
Soms zijn er ook grenzen aan onze zorg. Op de Mariaschool willen wij de veiligheid van leerlingen en/of leerkrachten waarborgen. De grenzen aan onze zorg m.b.t. het gedrag zijn bereikt wanneer
  • de veiligheid van het kind, de andere leerlingen of de leerkracht in het geding is
  • het onderwijsproces van de andere kinderen wordt geschaad
 
Alle kinderen op de Mariaschool krijgen ruimte en tijd om te leren en zich te ontwikkelen. Wanneer na interventies gepleegd te hebben, blijkt dat het gedrag van de leerling niet verbetert, is de school handelingsverlegen. Het vraagt andere acties van de school als een kind de regels vaak overtreedt of wanneer een kind structureel ongewenst gedrag laat zien. Dan zal het gedragsprotocol zal in werking treden en/of er zal worden bekeken of de Mariaschool de juiste school is voor het kind.
 
Adviezen voor eventuele interventies kunnen door verschillende instanties worden gegeven. Deze handelingsadviezen kunnen worden uitgevoerd, wanneer ze in overeenstemming zijn met de missie en de visie van de school en wanneer we de mogelijkheden hebben om ze uit te kunnen voeren (qua tijd, ruimte en middelen).
 
 
Gedragscode op de Mariaschool
In de gedragscode staat beschreven welk gedrag we verwachten van de kinderen, de ouders en de leerkrachten. Wanneer we ons allemaal aan de gedragscode houden, is het leefklimaat op de Mariaschool optimaal.
 
Wij willen op school extra aandacht schenken aan het gedrag op school, in de klas en op het plein. Iedere twee weken behandelen we een nieuwe regel aan de hand van posters die we in de school op vijf verschillende plaatsen ophangen. Wij communiceren deze regels ook met de ouders in onze nieuwsbrief en vertrouwen erop dat ouders thuis ook aandacht aan deze regels besteden.
 
- Iedereen hoort erbij
- Samen sociaal sterk
- Let op je taalgebruik
- Niet pesten
- Stop-denk-doe
- Van elkaars spullen afblijven
- Je eigen afval opruimen
- Niemand uitschelden
- Van elkaars spullen afblijven
- Niet zoveel letten op elkaar
- Zelfstandig werken
- Naast je fiets lopen op het plein
 
Wat verwachten wij van de leerkracht en de leerlingen t.o.v. elkaar?
  • We behandelen elkaar begripvol.
  • We spreken geen kwaad over elkaar.
  • We spreken onbevooroordeeld over elkaar.
  • We hebben een open, rustige verstandhouding met elkaar.
  • De leerkracht zal de leerling altijd motiveren.
  • De leerkracht zal zijn/haar invloed altijd ten positieve inzetten.
  • De leerkracht zal de leerling met zorg omgeven.
  • We maken problemen bespreekbaar.
  • De leerkracht draagt zorg voor een veilige omgeving.
 
Wat verwachten wij van de leerkracht en de ouders t.o.v. elkaar?
  • We zien elkaar als partner bij de begeleiding/opvoeding van de kinderen. De ouder blijft eerst verantwoordelijk.
  • We stellen vertrouwen in elkaar.
  • We behandelen elkaar respectvol, begripvol en correct.
  • We tonen belangstelling, zonder nieuwsgierig te zijn.
  • We accepteren, dat leerkrachten geen informatie delen met ouders over andere ouders of kinderen.
  • We spreken positief over elkaar en accepteren geen dreigende houding. Hieronder verstaan we o.a. schelden en agressief praten.
  • We maken problemen bespreekbaar.
  • De leerkracht streeft ernaar een goed visitekaartje van de school te zijn.
 
Wat verwachten wij van de collega's t.o.v. elkaar?
  • We accepteren de ander en geeft vertrouwen.
  • We zijn eerlijk naar de ander.
  • We maken zaken bespreekbaar, wanneer ons iets dwars zit.
  • We komen afspraken na.
  • We respecteren de mening van elkaar.
  • We geven een collega de ruimte, wanneer die dat nodig heeft.
  • We stellen ons collegiaal en lerend op.
  • We zijn ons te allen tijde en in alle situaties bewust van onze professionaliteit en handelen daarnaar.
 
Wat verwachten we van de ouders en leerlingen t.o.v. elkaar?
  • Ze spreken geen kwaad over elkaar of anderen.
  • Ze spreken onbevooroordeeld over elkaar.
  • Ze behandelen elkaar begripvol.
  • De ouder bemoeit zich niet met ruzies of onenigheden op het schoolplein of in de school, behalve als leerkrachten niet aanwezig zijn.
  • De ouder gedraagt zich zorgzaam en verantwoordelijk voor kinderen bij excursies, schoolreisjes e.d.
  • Ze hebben een open, rustige houding t.o.v. elkaar.
 
Wat verwachten we van ouders t.o.v. andere ouders?
  • Zij zijn zich bewust dat ieder kind voor zijn/haar ouder(s) zeer dierbaar is.
  • Zij beseffen dat ouders eerstverantwoordelijk zijn voor hun eigen kind.
  • Zij spreken geen kwaad over de anderen.
  • Zij nemen verantwoordelijkheid in het bespreekbaar maken van problemen
  • Zij lossen problemen op, zonder daarbij gebruikt te maken van fysiek of verbaal geweld.
 
 
Wat verwachten we van het kind t.o.v. andere kinderen?
  • Zij respecteren elk kind.
  • Zij spreken positief over en met anderen.
  • Zij spelen met andere kinderen zonder te duwen, trekken en schoppen (ook al is het maar een geintje).
 
 
Werken aan het pedagogisch klimaat op de Mariaschool
Het team van de Mariaschool  wil haar kinderen een veilig pedagogisch klimaat bieden, waarin zij zich harmonieus en op een prettige en positieve wijze kunnen ontwikkelen. Wij schrijven het pestprotocol omdat pesten helaas overal gebeurt. Natuurlijk is het beter om het pesten te voorkomen door het scheppen van een goed pedagogisch klimaat en daar gaat dan ook in eerste instantie de aandacht naar uit. De leerkrachten bevorderen deze ontwikkeling door het scheppen van een veilig klimaat in een prettige werksfeer in de klas en op het schoolplein. In veruit de meeste gevallen lukt dit door onze 12 gedragsregels aan te bieden deze te onderhouden, maar soms is het gewenst om duidelijke afspraken met de kinderen te maken.
 
Verder zetten we voor de leerlingen van groep 6 Stichting Jeugd & Jongerenwerk in voor het geven van anti-pest lessen. In de week van de Mediawijsheid wordt door dezelfde stichting voor de leerlingen van groep 7 aandacht besteed aan social media en pesten.
Vervolgens vullen de leerlingen van de groepen 6 t/m8 jaarlijks Sometics is. Dit is een sociogram waarin de relaties in de groep zicht baar worden.
De groepsleerkracht schrijft en evalueert drie keer per jaar een groepsplan voor de sociaal en emotionele ontwikkeling en voert groepsgesprekken met de intern begeleider over de sociaal emotionele ontwikkeling van de leerlingen uit zijn/haar groep.
Ten
 
Het pestprotocol
Een van die duidelijke regels is dat kinderen met respect met elkaar dienen om te gaan. Dat het niet altijd als vanzelfsprekend wordt ervaren, geeft aan dat we het kinderen moeten leren en daar dus energie in moeten steken. Ons pedagogisch uitgangspunt is dat alle kinderen met elkaar moeten leren omgaan. Dat leerproces verloopt meestal vanzelf goed, maar het kan ook voorkomen dat een kind in een enkel geval systematisch door andere kinderen wordt gepest. Dan kan een kind zodanig in de knoop komen met zijn schoolomgeving, dat de regels van de school niet meer voldoende de veiligheid bieden en daarmee de gewenste ontwikkeling onderbreken. Voor ons is dat een niet te accepteren en ongewenste situatie.
 
Wat verstaan wij onder pestgedrag?
  1. Gedrag waarmee je een ander lichamelijk of geestelijk kwetst.
  2. Gedrag waarmee je de grens van een ander overschrijdt.
 
In dit protocol leggen we vast hoe we het pestgedrag van kinderen in voorkomende gevallen benaderen. Op onze school hanteren we in deze gevallen een vijf-sporen beleid:
  
  1. We geven aandacht en bieden steun aan het kind dat wordt gepest.  
  1. We geven aandacht en bieden steun aan de kinderen die pesten.   
  1. We betrekken de andere leerlingen (omstanders en meelopers) uit de klas bij het vinden van
oplossingen.  
  1. We pakken het pesten in de school als team samen aan.  
  1. We betrekken ook de ouders daar actief bij. 
 
We geven aandacht en bieden steun aan het kind dat wordt gepest.  
De begeleiding van de gepeste leerling kent de volgende elementen:
  • Medeleven tonen en luisteren en vragen: hoe en door wie wordt er gepest; praten lucht op!
  • Leerling uitlokken het één en ander op papier te zetten (als erover praten niet lukt);
  • Leerling ervan verzekeren dat het niet zijn/haar schuld is. Niemand heeft het recht te pesten;
  • Nagaan hoe de leerling zelf reageert, wat doet hij/zij voor tijdens en na het pesten;
  • De leerling leert hoe het de ander duidelijk moet maken hoe erg het pesten vindt en ook dat ze ermee op moeten houden;
  • Zoeken en oefenen van een andere reactie bijvoorbeeld je niet afzonderen;
  • Het gepeste kind in laten zien waarom een kind pest;
  • Nagaan welke oplossing het kind zelf wil;
  • Sterke kanten van de leerling benadrukken;
  • Inschakelen hulp; sociale vaardigheidstrainingen; Jeugdgezondheidszorg; huisarts; GGD.
  • Praten met de ouders van de gepeste leerling en de ouders van de pester(s);
 
We geven aandacht en bieden steun aan de kinderen die pesten 
De begeleiding van de pester(s) kent de volgende elementen:
  • duidelijk maken dat pesten verboden is en dat dit niet tolereren;
  • Praten; zoeken naar de reden van het ruzie maken/ pesten (baas willen zijn, jaloezie, verveling, buitengesloten voelen);
  • Laten inzien wat het effect van zijn/ haar gedrag is voor de gepeste;
  • Laten inzien dat hij/zij er iets aan kan doen, dat hij/zij kan beginnen op te houden met pesten;
  • Contact tussen ouders en school; elkaar informeren en overleggen.
  • Inleven in het kind; wat is de oorzaak van het pesten?
  • Inschakelen hulp; sociale vaardigheidstrainingen; Jeugdgezondheidszorg; huisarts; GGD.
 
We betrekken de andere leerlingen uit de klas bij het vinden van oplossingen.  
  • De begeleiding van groep/kinderen rondom de pester en gepeste kent de volgende elementen: o Leerlingen verantwoordelijk maken voor de sfeer in de klas. Een open sfeer creëren die kinderen uitnodigt om te vertellen wat ze zien gebeuren;
  • Kinderen samen brengen die zich sterk kunnen en willen maken tegen elke vorm van pesten en zich hiertegen uit durven spreken;
  • Kinderen steunen om zich uit te spreken tegen pesten;
  • Kinderen inzicht laten krijgen in hun rol; zowel de pester als de gepeste zouden graag 'een echte vriend' hebben.
  • Er kan een sova-aanbod komen, om de kinderen goed met elkaar te leren omgaan.
  • Duidelijk maken dat niets doen, net zo erg is als pesten. Kinderen inzicht laten krijgen in hun rol van ʺmeelopersʺ.
 
We pakken het pesten in de school als team samen aan.  
Binnen ons team hebben wij collega's die de Rots & Water training hebben gevolgd. Deze training richt zich op de ontwikkeling van sociale competenties, het voorkomen en aanpakken van pesten en seksueel geweld en het werken aan weerbaarheid. Deze collega's denken mee in de aanpak (die per situatie kan verschillen).
 
We betrekken ook de ouders daar actief bij
Bij herhaaldelijk pestgedrag informeert de leerkracht de ouders van de pester en van de gepeste hierover. Ouders worden actief betrokken bij de aanpak van het probleem.
 
 

 
Route bij het niet naleven van de gedragsregels 
 
We maken onderscheid in de volgende categorieën van ongewenst gedrag:
  1. Incidentele overtredingen
  2. Aaneenschakeling van incidentele overtredingen of ernstige  misdragingen
  3. Structureel onaangepast gedrag
  4. Structureel onaangepast gedrag, waar de school geen invloed meer op kan uitoefenen.
 
Bij incidentele overtredingen
  • De leerkracht signaleert dat een leerling de regels overtreedt. Wanneer een collega anders dan de groepsleerkracht van de leerling dit signaleert, wordt de leerling aangesproken op zijn of haar gedrag en dit wordt gemeld bij de groepsleerkracht.
  • De leerkracht spreekt de leerling aan op het gedrag en refereert aan de geldende afspraken en maakt afspraken met de leerling.
 
Route bij een aaneenschakeling van incidentele overtredingen, ernstiger misdragingen of verstoring van het onderwijsproces
 
  1. Waarschuwing door de leerkracht. (Kind aanspreken op de regel) 
  2. Indien geen verbetering: Gesprek met de leerkracht en leerling. Samen maken ze concrete afspraken over hoe wel te  gedragen. (Eventueel met een beloningssysteem) Tussentijds steeds kleine gesprekjes! Goede gedrag benoemen. 
  3. Verbetering of geen verbetering
    1. Verbetering na twee weken: grote evaluatie met het kind en complimenteren als er verbetering is opgetreden  
    2. Indien geen verbetering: de ouders worden door de groepsleerkracht uitgenodigd voor een gesprek op school. In dit gesprek worden de ouders op de hoogte gebracht van de misdragingen en de stappen die al ondernomen zijn om dit gedrag te verbeteren maar niet tot resultaat geleid hebben. Tevens worden zij geattendeerd op de regels die we op school hanteren en
de procedure die gevolgd wordt wanneer dit onverhoopt niet mocht lukken. Er worden afspraken gemaakt over intensieve contacten tussen school en ouders over de ontwikkelingen van het kind m.b.t. besproken gedrag. Tevens spreken we een evaluatiemoment af na een periode van twee weken!  
  1. Indien geen verbetering na twee weken: de ouders krijgen  tijdens dit evaluatiemoment de eerste waarschuwingsbrief en worden wederom afspraken gemaakt zoals bij stap 3b. 
  2. Indien geen verbetering na stap 4: tweede waarschuwingsbrief: de ouders worden uitgenodigd voor een gesprek met groepsleerkracht en directie. Tevens worden er maatregelen getroffen om dit gedrag verder te voorkomen. (Buiten de groep plaatsen, niet gelijk met de andere kinderen naar buiten, etc.)
  1. Indien geen verbetering:  schorsing  (gesprek en derde brief) 
  1. Indien geen verbetering: schorsing, onderwijs thuis of geïsoleerd op school en starten
procedure verwijdering. 
 
P.s. Indien een kind (of ouder van een kind) zich agressief uit jegens medeleerlingen en of leerkracht(en) starten we met stap 4.
 
P.s. Indien een kind (of ouder van een kind) zich fysiek vergrijpt en letsel toebrengt aan medeleerling en of leerkracht, starten we met stap 5 of 6.